column

Rituelen uit de Euregio


23 februari 2010
 
Het was de blik van een vader achter zijn kinderwagen, die me op andere gedachten bracht.
Keurig in het pak nog, haalt de man zijn dochtertje op bij de crèche, maar zijn tempo verraadt hem.
Het onnoembare hangt in de lucht, het onnoembare is nakende.
En de vader straalt dat uit. Hij kan het niet verbergen. Hij wil het niet verbergen.
Zijn blik spreekt boekdelen.
Dit overleef ik niet, dacht ik, thuis op de bank zittend, herstellende van een heupoperatie.
Carnaval komt steeds dichterbij. Ik kan er niet meer omheen en ik zit hier thuis op de bank.
Het werk een week opzij zetten alla, maar carnaval ontkennen?
Eerst is er alleen de confetti en de serpentines die de kleding sieren, maar hoe dichter we bij het goddelijke weekend komen, hoe vaker het kostuum vervangen wordt door "vaan alles en nog gèt".
Carnaval duikt overal op.
Dit overleef ik niet.
Thuis zitten revalideren terwijl de Zate Hermeniekes door de straat trekken, nee, dan mag de ijskast nog zo vol rolmops met mayonaise liggen, ik overleef dit niet.
Dus trok ik voor een paar dagen weg.
Weg van alle "bronst".
En daar, ver weg van "de Bonte Störrem ", daar realiseerde ik me dat die "Bonte Störrem" en de "Rosenmontag” en de "Vette dinsdag" en het “Clownstreffen” en de “Einzelgängers” en het “Hermeniekes concours” deel zijn van een groter ritueel.
Daar pas realiseerde ik me dat er in deze Euregio, de Euregio die soms zo ver weg lijkt, er wel degelijk sprake is van gedeelde rituelen.
Werkend aan de inrichting van het basiskamp voor de expeditie Via 2018, de expeditie die de Euregio als te ontdekken gebied beschouwt, realiseer ik me, daar ver weg van het carnaval, dat er wel degelijk rituelen in dit gebied zijn die ons verbinden.
Toen verzoende ik me ermee dat ik noodgedwongen, voorlopig nog even werkloos, thuis op de bank moet zitten.
Zo levert dat - herstellend op de bank zitten - blijkbaar toch nog iets op.
De expeditie via 2018 is hoe dan ook begonnen.

Guido Wevers